Gezondheid en leefstijl
- De Burgerpeiling 2025 laat zien dat ruim drie kwart van de Nijmegenaren (16+) de eigen gezondheid goed of zeer goed vindt. Het gemiddelde rapportcijfer voor hoe gelukkig men zich voelt ligt op 7,6. Ten opzichte van voorgaande jaren zijn deze cijfers nauwelijks veranderd.
- Mentale gezondheid is een aandachtspunt. Voor het risico op een angststoornis of depressie, ernstige eenzaamheid en ervaren zingeving geldt dat het beeld in 2022 ongunstiger was dan voorliggende jaren. In 2024 is verbetering zichtbaar, maar is de situatie nog altijd minder gunstig dan in 2020.
- Inwoners met de minst gunstige sociaaleconomische positie vertonen een stabiel, hardnekkig patroon van achterstand op thema's rond (mentale) gezondheid.
- Een zorgelijke ontwikkeling op het gebied van leefstijl: het aandeel rokende inwoners daalt niet langer. Na jaren van afname stabiliseert dit cijfer sinds 2020, vooral doordat vapen toeneemt .
- Positief op het gebied van leefstijl; het aandeel overmatig gebruikers van alcohol neemt af. Het beeld rond overgewicht is stabiel, evenals het voldoen aan de normen voor voldoende beweging.
Ouderen en laagste welstandsklassen beoordelen hun gezondheid minder vaak als goed
Van de volwassen Nijmegenaren beoordeelt 77% de eigen gezondheid als goed of zeer goed, zo blijkt uit de Burgerpeiling 2023; 15% beoordeelt de eigen gezondheid met ‘gaat wel’ en 8% als ‘matig’ of ‘slecht’. Deze cijfers zijn sinds 2017 behoorlijk stabiel.

Figuur: Ervaren gezondheid volwassenen
Bron: Burgerpeiling gemeente Nijmegen.
Welke inwoners voelen zich meer of minder gezond dan anderen? Dat laat onderstaande figuur zien. Meest in het oog springen verschillen naar sociaaleconomische positie (een combinatie van opleiding en inkomenspositie). Van de inwoners met de meest gunstige sociaal economische positie (sep ++) beoordeelt 89% de eigen gezondheid als goed tot zeer goed. Van inwoners in de minst gunstige sociaaleconomische positie (sep --) is dat 39%. Dit is een hardnekkig patroon dat al jaren onveranderd aanwezig is.
Daarnaast loopt de ervaren gezondheid terug naarmate inwoners ouder worden; van 85% met een (zeer) goede gezondheid onder inwoners tot 35 jaar naar 54% onder 75-plussers. Gekeken naar herkomst is te zien dat Nijmegenaren met een Europese of niet-Europese migratieachtergrond (resp. 74% en 66%) hun gezondheid lager beoordelen dan gemiddeld. Verschillen tussen mannen en vrouwen zijn minimaal.

Figuur: Percentage (zeer) gezond naar geslacht, leeftijd, sociaaleconomische positie en herkomst.
Bron: Burgerpeiling 2025 gemeente Nijmegen
Mentale gezondheid blijft een aandachtspunt
Nijmegenaren geven gemiddeld een rapportcijfer van 7,6 voor hoe gelukkig zij zich voelen. Dit cijfer is sinds 2019 onveranderd. Onderstaande figuur geeft inzicht in groepsverschillen. Meest opvallend is dat inwoners minder gelukkig zijn naarmate zij een lagere sociaaleconomische positie hebben: inwoners in de gunstigste sociaaleconomische positie (sep ++) scoren aanmerkelijk hoger (7,9) dan inwoners in de laagste positie (sep - -) (7,2).
Figuur: Rapportcijfer voor geluk naar geslacht, leeftijd, sociaaleconomische positie en herkomst
Bron: Burgerpeiling 2023 gemeente Nijmegen
Op basis van de gemeentelijke burgerpeiling is ook bekend in hoeverre inwoners tevreden zijn over het aantal sociale contacten buiten het eigen huishouden. Tot 2017 gaf 76% van de inwoners aan dat zij voldoende van zulke contacten hadden. In 2019 daalde dit naar 73%, sinds 2021 gaat het om 70%. Daarmee is een langjarige, negatieve trend te zien.
De Gezondheidsmonitor Volwassenen van de GGD geeft een uitgebreider beeld van mentale gezondheid. Onderstaande figuur toont de ontwikkeling op het risico op angststoornis of depressie, ervaren zingeving en (sterke) eenzaamheid. Voor al deze indicatoren was het beeld in 2022 ongunstiger dan in voorliggende jaren. In 2024 is verbetering zichtbaar, maar is de situatie nog altijd minder gunstig dan in 2020. Mogelijk zien we hier effecten van de situatie rond de coronapandemie, die na afloop niet direct 'terugveren' naar het oude niveau.

Figuur: Enkele ontwikkelingen op het vlak van de mentale gezondheid.
Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen, GGD Gelderland-Zuid.
Naast het risico op depressie en of angstproblematiek, zoals dat naar voren komt uit vragenlijstonderzoek, is het mogelijk om te kijken naar het gebruik van geestelijke gezondheidszorg (ggz) uit de zorgverzekeringswet. Als we kijken naar het gebruik hiervan tussen 2020 en 2024, zien we dit aandeel sinds 2021 groeien (zie onderstaande figuur). Wel is de groei na 2022 minder sterk dan tussen 2021 en 2022. Dit patroon is behalve in Nijmegen ook landelijk en regionaal te zien. Wel ligt het gebruik van ggz in Nijmegen hoger dan in de regio en landelijk. Analyse naar stadsdeel laat zien dat een groter gerapporteerd risico op angststoornis en/of depressie niet altijd samengaat met een relatief hoog gebruik van ggz. In Dukenburg en Lindenholt rapporteren inwoners relatief vaak een hoog risico op depressie en/of angstproblematiek, maar is het gebruik van ggz relatief laag. Nijmegen-Oost vertoont een omgekeerd patroon.

Figuur: Aandeel inwoners dat gebruik maakt van geestelijke gezondheidszorg uit de zorgverzekeringswet, 2020 - 2024
Bron: Vektis Zorgspiegel Gemeenten
Welke groepen hebben sterker te maken hebben met resp. risico op angststoornis of depressie en sterke eenzaamheid? Dat laten onderstaande figuren zien. Te zien is dat risico op angststoornis of depressie vaker voorkomt bij vrouwen (12%) en inwoners onder de 65 jaar (9% tot 13%, tegen 4% bij 65-plussers). Voor eenzaamheid valt op dat verschillen naar geslacht en leeftijd beperkt zijn. Voor beide indicatoren scoren hbo- en wo-geschoolden veel gunstiger dan inwoners met een ander type opleiding.

Figuur: Aandeel hoog risico op angststoornis of depressie, naar geslacht, leeftijd, opleiding.
Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024, GGD Gelderland-Zuid.

Figuur: Aandeel sterk eenzaam, naar geslacht, leeftijd, opleiding.
Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024, GGD Gelderland-Zuid.
Overmatig alcoholgebruik neemt af, daling van tabak stagneert
Onderstaande figuur toont de ontwikkelingen in het gebruik van alcohol, tabak en drugs. In 2024 ligt het aandeel overmatig (>7 glazen per week voor vrouwen, >14 glazen per week voor mannen) drinkers lager dan in voorgaande jaren. Tussen 2012 en 2020 was een continue daling van het aandeel rokers te zien. Dit stagneert na 2020 en wordt veroorzaakt door een toename van het gebruik van vapes. Bijna 1 op de 4 volwassen Nijmegenaren gebruikte in het afgelopen jaar drugs.

Figuur: Aandeel overmatige drinkers, rokers en drugsgebruikers. Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen, GGD Gelderland-Zuid.
Onderstaande figuren laten zien welke groepen vaker drinken, roken en drugs gebruiken. Bij roken/vapen en drugsgebruik, valt hoger gebruik door mannen en de groep tussen de 18 en 34 jaar op (met name als het gaat om drugsgebruik). Voor roken geldt dat hbo- of wo-geschoolden het minder doen, voor drugsgebruik is geen duidelijk patroon zichtbaar. Het overmatig gebruik van alcohol laat geen eenduidig patroon zien als het gaat om leeftijd, geslacht en opleiding.

Figuur: Aandeel overmatig drinkers, naar geslacht, leeftijd, opleiding. Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024, GGD Gelderland-Zuid.

Figuur: Aandeel dat rookt/vapet, naar geslacht, leeftijd, opleiding. Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024, GGD Gelderland-Zuid.

Figuur: Aandeel dat afgelopen jaar drugs gebruikte, naar geslacht, leeftijd, opleiding. Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024, GGD Gelderland-Zuid.
Aandeel Nijmegenaren met overgewicht vrij stabiel

Figuur: Aandeel met overgewicht, voldoet aan beweegrichtlijnen, eet dagelijks groente en eet dagelijks fruit. Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen, GGD Gelderland-Zuid.
De Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen laat zien dat het aandeel volwassen Nijmegenaren met overgewicht (op basis van zelfrapportage van lengte en gewicht) sinds 2016 stabiel op zo'n 40% ligt. Bij 11% gaat het om ernstig overgewicht. Het voldoen aan de beweegrichtlijn (minstens 2,5 uur per week matig intensieve inspanning, verspreid over diverse dagen, en minstens twee keer per week spier- en bot versterkende activiteiten) ligt sinds 2020 stabiel rond de 54%, terwijl dat in 2016 nog 59% was. Het eten van voldoende groente en fruit is de afgelopen jaren stabiel (resp. 55% en 43%).
Onderstaande figuren laten zien welke groepen vaker overgewicht hebben en te weinig bewegen. Te zien is dat overgewicht relatief vaak voorkomt bij basis/mavo/vmbo/mbo niveau 1-opgeleiden en relatief weinig bij hbo/wo-opgeleiden en 18-34-jarigen. Onvoldoende bewegen komt vaker voor naarmate inwoners ouder zijn (met name 75+). Ook basis/mavo/vmbo/mbo niveau 1-opgeleiden krijgen vaker onvoldoende beweging. Meer cijfers over sport en bewegen vindt u onder het thema Sport.

Figuur: Aandeel matig en ernstig overgewicht naar geslacht, leeftijd en opleiding.
Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024, GGD Gelderland-Zuid.

Figuur: Aandeel dat voldoet aan de beweegrichtlijnen naar geslacht, leeftijd en opleiding.
Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024, GGD Gelderland-Zuid.
Uiteenlopende gevolgen van coronacrisis op het welzijn
De Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2022 laat zien dat 25% van de volwassen Nijmegenaren najaar 2022 zowel positieve als negatieve gevolgen van de coronaperiode ervoer. Verder ervoer 25% alleen positieve gevolgen van de coronaperiode en 25% alleen negatieve gevolgen. Circa een kwart ervoer noch positieve noch negatieve gevolgen van de coronaperiode. De meest genoemde positieve gevolgen zijn: thuis kunnen werken of thuis onderwijs kunnen volgen, meer rust, een betere balans tussen werk/studie en privé, minder geld uitgeven, meer bewegen en meer tijd voor gezin, familie of vrienden. De meeste genoemde negatieve gevolgen zijn: minder contact met familie of vrienden, minder goed in je vel zitten, minder bewegen, thuis moeten werken of thuisonderwijs moeten volgen, het door elkaar lopen van privé en werk/studie, gestopt zijn met studie of studievertraging en langdurig herstel na een coronabesmetting.
Een op de vijf volwassen Nijmegenaren had najaar 2022 nog last van tijdens de coronaperiode meegemaakte corona gerelateerde gebeurtenissen. En 4% ervoer najaar 2022 nog enige tot veel negatieve gevolgen van uitgestelde zorg.
Ruim 1 op de 10 Nijmegenaren geeft mantelzorg, minder mantelzorgers zijn overbelast
De gemeentelijke burgerpeiling laat zien dat 13% van de volwassen Nijmegenaren wekelijks of dagelijks mantelzorg geeft. Dit aandeel laat de afgelopen jaren nauwelijks ontwikkeling zien. Dat sluit aan bij andere onderzoeksgegevens. De Gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen (GGD Gelderland-Zuid) komt op 10% mantelzorgers onder de volwassen Nijmegenaren. Het gaat daarbij om zorgtaken voor minimaal 3 maanden en/of minimaal 8 uur per week.
Hetzelfde onderzoek laat zien dat 18% van deze mantelzorgers te kampen heeft met enige of zware overbelasting. In 2022 lag dit aandeel met 26% hoger.
